Ook wij zien nog steeds nieuwe dingen

Ons bericht over Hem62 Travel was amper gepubliceerd toen we een berichtje kregen met de tekst “We willen graag met jullie praten.” Wat zouden we doen? We zijn nog maar kort in Zweden en we moeten ook nog het nodige opruimen en inpakken. Je moet het ijzer smeden zolang het heet is, dus spraken we voor die middag af op het strandje bij de Lakenesjön. Het gebeurt ons vaker, we werken zelden met adressen, als iemand een lokatie beschrijft weten we hem meestal gewoon te vinden. Er staan hier weinig wegwijzers en straatnaambordjes moet je zoeken. GPS coördinaten werken maar beperkt omdat je navigatie je dan over onbegaanbare wegen stuurt (daarnaast vind ik het ook wel eng als iemand feilloos de coördinaten van een lokatie weet te noemen).

Na onze lunch reden we richting de Lakenesjön en een uurtje later zaten we bij het strandje op een picknickbank met Evelien en Rene. Een mooiere plek voor “werkoverleg” kun je je bijna niet indenken. We hadden ze al een tijd niet meer gesproken en was goed om even bij te praten. Daarna ging het over onze plannen en de mogelijkheid tot samenwerking. We hadden alle vier het idee, hier komen we samen verder mee. Onderweg naar Stöllet hadden we het over het aanbod aan activiteiten dat Hem62 Travel kan bieden. Het aanbod wordt er mooier van en we kunnen klanten in een grotere regio bedienen. Op de terugweg zijn we nog even gestopt bij een loppis en heeft Suzanne nog een mooie schaal van Nittsjö Keramik gekocht.
Tip: Nittsjö Keramik ligt in Rättvik kommun in Dalarna en is de moeite van het bezoeken waard.

Loppis

De schaal van Nittsjö Keramik.

Toen we thuis waren zijn we gaan opruimen en inpakken. Gelukkig hadden we na het avondeten nog tijd voor een rondje door Värmland. Gewoon om nog even te genieten van dit prachtige stukje Zweden. Ik schrijf wel “stukje Zweden” maar Värmland is half zo groot als Nederland.

“Onze” zwemplek

We kijken altijd rond naar een plek voor een mooie foto. Tijdens ons rondje zagen we een rare bult langs de weg met daaromheen gekapte bomen maar besteedden er verder geen aandacht aan. Een eindje verder stopte ik om een foto te maken van een beekje. Suzanne stapte ook uit om te kijken en haar viel een bordje op dat in het bos stond. Samen gingen we op onderzoek.

Het bleek een skans (bunker) uit de tweede wereldoorlog te zijn. Toen de Duitsers Noorwegen bezetten werden langs de grens verdedigingswerken gebouwd en dit was er een van. Op het kaartje stond een tekening van het geheel en de berg die we eerder zagen bleek er ook bij te horen. Deze weg hebben we al heel vaak gereden en dit was ons nooit opgevallen.

De skans

Het “interieur”

De bult bleek een bunker te zijn.

Daarna reden we verder om door de bergen weer richting Stöllet te rijden met hier en daar een fotostop. Wat er ook gebeurt, dit is wat we willen blijven doen, ontdekken en laten zien wat dit stukje Zweden voor moois te bieden heeft.

Het kerkje van Nyskoga.

Kraanvogels

Bijna thuis.

Onderweg werd het stil in de auto. We keken elkaar aan en dachten hetzelfde, wat een gave, gekke week was dit en wat hebben we plezier gehad.

 

,

Zonovergoten

Gisteren zijn we gaan wandelen op het eiland Sollerön. Het eiland ligt in het Siljanmeer en is 7,7 kilometer lang en 4 kilometer breed. Sollerön is verbonden met het vasteland door bruggen, één in de richting Gesunda en één richting Mora.

Karta Terrängkartan (C) Lantmäteriet. CC BY 4.0

Het was prachtig weer en het eiland was zonovergoten. We hebben onze auto bij Bäckstabadet geparkeerden. Bäckstabadet bereik je door vanuit het dorpje Bodarna naar de zuidkant van het eiland te rijden. We hebben eerst genoten van onze lunch en zijn daarna aan onze wandeling langs het Siljanmeer begonnen. Na een tijdje hebben we de oever het Siljan verlaten en zijn we het eiland opgewandeld om weer terug te wandelen naar de auto. Je kunt de route zo lang en zo kort maken als je zelf wilt, vanaf het pad langs het Siljan zijn er voldoende weggetjes om weer terug te lopen. Met mooi weer is het aan te raden zwemkleding mee te nemen, het water is helder en er zijn voldoende plekken om te zwemmen. Nu was het weliswaar mooi warm weer, maar het water is nog veeeeeeeel te koud.

Eerst lunchen en dan op pad.

Onderweg

Blauw, strak blauwe lucht en rimpelloos water. In de verte de oever van het Siljan.

Uitzicht op het kleine eilandje Sollkalven.

We zijn natuurlijk in Dalarna en daar hoort er ook een Dalapaard bij.

We laten het Siljan weer achter ons.

Een van de weggetjes op Sollerön

Het water is echt te koud, Suzanne heeft het proefondervindelijk vastgesteld.

De supermarkt van het eiland.

De grote steen

Ergens in Tiomilaskogen zou een hele grote zwerfkei moeten liggen. We hadden wel gelezen dat die in het buurt van de stuwdam bij het meer Kvien moest liggen maar daar hield het ook mee op. We hadden al eerder een poging gewaagd om hem te vinden, maar zijn toen verdwaald in de bossen. De gewone autonavigatie laat het in de bossen afweten, de wegen staan er wel op, maar je kunt niet naar een lokatie navigeren omdat er gewoonweg geen plaatsjes of andere herkenningspunten zijn. Gisteren gingen we weer op pad, nu gewapend met een topografische kaart waar we de lokatie op hadden gevonden.

De grote steen staat in ieder geval wel op de topografische kaart.

 

Kvien

De wegen door Tiomilaskogen zijn smal en na de afslag “Kviens kraftverk”, werd de weg nog wat smaller en slechter. Na wat slingeren reden we over de kleine dam bij de waterkrachtinstallatie. Nu moesten we er toch echt bijna zijn. Op de kaart konden we zien waar de kei ongeveer moest liggen en wonder boven wonder stond er plotseling zomaar een handgemaakt bord naast de weg met de tekst: “100m efter stigen ligger den stora stenen” oftewel “100m na het pad ligt de grote steen”.

Het bord

We hebben de auto geparkeerd en zijn het pad gaan volgen totdat we bij een steen kwamen die overduidelijk “de grote steen” moest zijn. De steen is volgens de beschrijving een van de grootste zwerfkeien in Zweden. De kei is ongeveer 400 m3 en is hier waarschijnlijk door het ijs uit de laatste ijstijd naar toe verplaatst. Bij de steen staat een plastic box met een gastenboek voor de bezoekers. Na rondgekeken te hebben zijn we weer terug gewandeld.

Deze is wel groot maar ik denk niet dat het dé steen is.

Dit is ‘m vast ook niet.

Dit is ‘m, Kvienblocket, de grote steen.

 

 

 

 

Hamra National Park

Gisteren zijn we naar Hamra National Park gegaan dat op de grens van Dalarna en Gävleborgs län ligt. Onze route ernaartoe was eenvoudig, vanaf thuis de 62 op richting de kruising met de E45, daar rechtsaf en dan de E45 zo’n 200 kilometer volgen totdat we het bord Hamra National Park zouden zien. Onderweg zouden we dan door Malung, Mora en Orsa komen en dan hadden we de grote plaatsen wel gehad. Van te voren hadden we gezorgd dat de tank vol zat en dat we voldoende proviand meenamen. Verder gingen er een kooktoestelletje, bekers, borden en bestek mee.

Malung staat deze week in het teken van de Dansbandvecka (daarover een andere keer meer) waardoor het veel drukker was dan anders en het toch even moeite kostte om door het plaatsje heen te komen. Daarna werd het weer rustig en na een tijdje kwamen we aan in Mora. Mora ligt aan de Österdalälven en is ingeklemd tussen de Orsasjön en het Siljanmeer. In Mora was het zoals altijd druk, het is toeristisch en al het verkeer moet een weg vinden via de brug over de Österdalälven. Na Mora kwamen we aan Orsa, het laatste iets grotere plaatsje op onze route en meteen ook de gelegenheid om een paar kleine boodschappen te doen. Het is zomer en op de E45 zie je veel campers en caravans op weg van en naar het noorden. Onderweg zijn er wel veel inhammen waar je even kunt stoppen maar veel grote rustplaatsen zijn er niet. Onderweg zagen we een bord waarop stond dat er over 2 kilometer een rustplaats zou zijn en de eerstvolgende op 110 kilometer. De dichtstbijzijnde rustplaats was vrij druk en 110 kilometer verder rijden zagen we ook niet zitten. We zijn daarom een zijweggetje ingereden en na een paar honderd meter vonden we een mooie plek aan een meer. Dit was pas een echte rustplaats, ver van de weg af en geen drukte en gewoon stilte. We hebben onze spullen uitgepakt, zijn koffie gaan zetten, hebben broodjes gemaakt en gewoon genoten. Na de lunch zijn we doorgereden naar de ingang van Hamra National Park.

Lunch

Hamra National Park (zo komen die sterretjes dus op de landkaart).

Hamra National Park is ongeveer 1400 hectare groot en wordt gekenmerkt door oude bossen, moerassen, meertjes en het riviertje Svartån. Bij de ingang staan verschillende wandelingen aangegeven. Volgens het bord kent dit gebied een van de grootste berenpopulaties in Zweden. Om te voorkomen dat je een beer tegenkomt wordt aangeraden om af en toe te praten of te neuriën. In mijn geval zou zingen ook helpen want dat wordt door mijn omgeving ook niet op prijs gesteld. We hebben op de kaart een wandeling uitgezocht en gingen op pad.

Heel comfortabel wandelen.

Het eerste stuk was zo breed aangelegd dat we wel heel comfortabel konden wandelen, brede houten planken waarop je gemakkelijk naast elkaar kon lopen.  Op zich wel mooi want zo kan iemand die wat minder goed ter been is of in een rolstoel zit ook een heel stuk het bos in. Uiteindelijk stopten de vlonders en werd het pad zoals we dat gewend zijn, smal met af en toe een paar planken om de natte delen over te steken. Onderweg liepen we door dichte oude bossen en langs moerassen en meertjes.

Svansjön.

Na onze wandeling hebben we weer de E45 naar Orsa genomen. Op de terugweg hebben we een omweg gemaakt om even bij de brandtoren op Pilkalampinoppi te kijken. De weg naar de berg is onverhard en kronkelt door de bossen, maar na zo’n 10 kilometer stonden we onderaan de berg. Nu was het nog een korte maar pittige wandeling naar de top.

Huisje met de brandtoren op Pilkalampinoppi.

De brandtoren op Pilkalampinoppi is gebouwd in 1889 na de grote bosbrand in 1888 waarbij een groot deel van het bos in de regio verloren ging. De brandwachten moesten ieder uur tussen 5 uur ’s ochtends en 7 uur ’s avonds de toren in klimmen en rondkijken over het bos. De toren had een telefoonverbinding met onder andere Orsa en Hamra. De brandwachten waren doorgaans vrouwen. Ze hielden een dagboek bij over wat er zo al gebeurde, ook leerden zij het weer voorspellen aan de hand van de tekenen in de natuur. De toren was in gebruik tot 1950, daarna namen vliegtuigen het werk over.

Interieur van het huisje.

Uitzicht vanuit de brandtoren

Uitzicht, bossen zover je kunt kijken.

Na ons bezoek aan de brandtoren was het tijd om verder te gaan naar Orsa om boodschappen te doen voor het avondeten. Nadat we weer op een mooie plek hadden zitten eten, hebben we in alle rust het laatste stuk terug naar Stöllet gereden.  Omdat we niet door Mora terug wilden rijden kozen we de route via Oxberg. Onderweg passeerden we daar de bijzondere brug voor treinen en auto’s. De brug is één rijbaan dus je moet opletten of er een tegenligger komt. Als er een trein komt wordt de brug even afgesloten. Je ziet dus niet zomaar een trein op je afkomen.

Een rijbaan voor auto’s en treinen.

Verder ging onze route richting Venjan, Limedsforsen en Malung. Het was een lange maar prachtige dag, dat ene regenbuitje dat we ’s ochtends hadden heeft daar niets aan afgedaan.

Quads

Vanmorgen zijn Daan, Jo, Paul en ik naar Bograngen gereden voor een quadsafari. Het was leuk om Arjen en Liesbeth weer te zien en even bij te praten. Maar na de koffie was het toch echt tijd om op pad te gaan met de quads. Arjen legde de belangrijkste dingen nog even kort uit waarna we wegreden. Het was grijs en de zon liet zich maar heel af en toe zien, de mix van sneeuw en ijs gaf het landschap een onherbergzame indruk. Onderweg was er tijd voor een koffiepauze om bij te praten en ervaringen uit te wisselen. Voor de lunch had Arjen hout, hamburgers en broodjes meegenomen. Het blijft hier genieten, gewoon op een vuurtje hamburgers bakken en lekker eten. Na de lunch hebben we onze tocht voortgezet en zijn weer richting Bograngen gereden. Het was een mooie avontuurlijke tocht door een ruig landschap waar we de quads en onze stuurmanskunsten flink op de proef gesteld hebben.

Aan het meer Letten

Onderweg langs Letten

Lunch! Even een hamburger bakken op een houtvuurtje.

De gemakkelijkste route is niet altijd de leukste.