Värmlands Moose Park

Vandaag zijn we naar Värmlands Moose Park in Ekshärad geweest. Met enige regelmaat zien we elanden en weten ze meestal ook wel te vinden. Dit was voor ons de kans om nog meer te weten te komen over deze mooie dieren en ze van heel dichtbij te kunnen zien.

Even na half twee werden we door James, onze gids, verwelkomd voor de rondleiding. Na een algemeen verhaal over de elanden en hun gewoontes was het tijd om de dieren in het echt te bekijken. Onze eerste bezoek was aan Lotta met haar twee jongen. Terwijl James uitleg gaf mochten we de dieren voeren en aaien. Als je elanden van zo dichtbij ziet valt pas op hoe groot ze zijn.

Lotta en haar kinderen.

James geeft uiteg.

Lotta laat zich een lekkere appel voeren.

De jonkies houden meer van frisse blaadjes.

Na ons bezoek aan Lotta en haar kinderen was het tijd voor een kleine pauze. Daarna vertelde James over het gedrag van de elandstieren en hun gewei. Emil, de elandstier vond het warm vandaag en had besloten in het bos te blijven. Daarom volgenden wij James het bos in zodat we Emil konden zien. We konden zo dicht bij hem komen dat we zijn gewei konden aaien.

Enthousiast legt James uit wat een mannetje met zijn gewei doet.

Emil

Ook Emil laat zich aaien.

James is een erg goede verteller en de twee uur die rondleiding duurde zijn omgevlogen. We hebben erg heel veel geleerd over elanden en hun gewoontes waardoor we ze in de toekomst nog beter weten te vinden. Mocht je in Zweden zijn is Värmlands Moose Park in Ekshärad een aanrader!

Emil vindt het wel mooi zo en verdwijnt verder het bos in.

Dansbandveckan

Bron: www.dansbandvecka.se

In week 29 is in Malung de jaarlijkse Dansbandvecka. Het hele plaatsje verandert dan in een grote camping, oude Amerikaanse auto’s verschijnen in het straatbeeld, er worden feesttenten opgebouwd en er klinkt overal muziek. Dit is ook de week dat we vanwege de drukte onze boodschappen op een andere plek doen. Toen we laatst op weg naar huis waren kwamen we door Malung en zaten vast in het verkeer. Overal klonk muziek en we reden tussen de oude Amerikaanse auto’s in. Toen we Malung door waren besloten we een kijkje te gaan nemen. We hebben onze auto geparkeerd en zijn weer terug het plaatsje in gewandeld.

Amerikaanse auto’s en andere verbouwde voertuigen waren rondjes aan het rijden door Malung. De kleine kermis draaide op volle toeren. Er stonden mensen te kijken naar de auto’s of waren op weg naar een van de muziektenten. De typische dansbandmuziek spreekt ons minder aan, vaak zijn dit wat oudere Zweedse klassiekers of covers van liedjes die we wel kennen maar dan in het Zweeds. Maar er is ook voldoende moderne muziek. In de tenten is volop ruimte om te dansen. De sfeer in Malung was gemoedelijk, iedereen was vrolijk en had plezier. Door de vele Amerikaanse auto’s en de soms wat gedateerde muziek kreeg het geheel een nostalgische sfeer en leek het af toe meer “back to the fifties”.

Enkele feiten van de Dansbandvecka:

  • 7 avonden
  • 82 bands
  • 6 overdekte dansvloeren met in totaal 3000 vierkante meter dansvloer.
  • 50.000 bezoekers
  • ondanks de drukte heeft de politie minder te doen dan tijdens een gewone week
  • er komen ongeveer 3.000 caravans en campers naar Malung
  • 80 procent van de bezoekers komt uit Zweden, 15 procent uit Noorwegen en de resterende 5% komt uit Denemarken, Finland, Duitsland, Canada, USA, Rusland en Sri Lanka

 

 

Hamra National Park

Gisteren zijn we naar Hamra National Park gegaan dat op de grens van Dalarna en Gävleborgs län ligt. Onze route ernaartoe was eenvoudig, vanaf thuis de 62 op richting de kruising met de E45, daar rechtsaf en dan de E45 zo’n 200 kilometer volgen totdat we het bord Hamra National Park zouden zien. Onderweg zouden we dan door Malung, Mora en Orsa komen en dan hadden we de grote plaatsen wel gehad. Van te voren hadden we gezorgd dat de tank vol zat en dat we voldoende proviand meenamen. Verder gingen er een kooktoestelletje, bekers, borden en bestek mee.

Malung staat deze week in het teken van de Dansbandvecka (daarover een andere keer meer) waardoor het veel drukker was dan anders en het toch even moeite kostte om door het plaatsje heen te komen. Daarna werd het weer rustig en na een tijdje kwamen we aan in Mora. Mora ligt aan de Österdalälven en is ingeklemd tussen de Orsasjön en het Siljanmeer. In Mora was het zoals altijd druk, het is toeristisch en al het verkeer moet een weg vinden via de brug over de Österdalälven. Na Mora kwamen we aan Orsa, het laatste iets grotere plaatsje op onze route en meteen ook de gelegenheid om een paar kleine boodschappen te doen. Het is zomer en op de E45 zie je veel campers en caravans op weg van en naar het noorden. Onderweg zijn er wel veel inhammen waar je even kunt stoppen maar veel grote rustplaatsen zijn er niet. Onderweg zagen we een bord waarop stond dat er over 2 kilometer een rustplaats zou zijn en de eerstvolgende op 110 kilometer. De dichtstbijzijnde rustplaats was vrij druk en 110 kilometer verder rijden zagen we ook niet zitten. We zijn daarom een zijweggetje ingereden en na een paar honderd meter vonden we een mooie plek aan een meer. Dit was pas een echte rustplaats, ver van de weg af en geen drukte en gewoon stilte. We hebben onze spullen uitgepakt, zijn koffie gaan zetten, hebben broodjes gemaakt en gewoon genoten. Na de lunch zijn we doorgereden naar de ingang van Hamra National Park.

Lunch

Hamra National Park (zo komen die sterretjes dus op de landkaart).

Hamra National Park is ongeveer 1400 hectare groot en wordt gekenmerkt door oude bossen, moerassen, meertjes en het riviertje Svartån. Bij de ingang staan verschillende wandelingen aangegeven. Volgens het bord kent dit gebied een van de grootste berenpopulaties in Zweden. Om te voorkomen dat je een beer tegenkomt wordt aangeraden om af en toe te praten of te neuriën. In mijn geval zou zingen ook helpen want dat wordt door mijn omgeving ook niet op prijs gesteld. We hebben op de kaart een wandeling uitgezocht en gingen op pad.

Heel comfortabel wandelen.

Het eerste stuk was zo breed aangelegd dat we wel heel comfortabel konden wandelen, brede houten planken waarop je gemakkelijk naast elkaar kon lopen.  Op zich wel mooi want zo kan iemand die wat minder goed ter been is of in een rolstoel zit ook een heel stuk het bos in. Uiteindelijk stopten de vlonders en werd het pad zoals we dat gewend zijn, smal met af en toe een paar planken om de natte delen over te steken. Onderweg liepen we door dichte oude bossen en langs moerassen en meertjes.

Svansjön.

Na onze wandeling hebben we weer de E45 naar Orsa genomen. Op de terugweg hebben we een omweg gemaakt om even bij de brandtoren op Pilkalampinoppi te kijken. De weg naar de berg is onverhard en kronkelt door de bossen, maar na zo’n 10 kilometer stonden we onderaan de berg. Nu was het nog een korte maar pittige wandeling naar de top.

Huisje met de brandtoren op Pilkalampinoppi.

De brandtoren op Pilkalampinoppi is gebouwd in 1889 na de grote bosbrand in 1888 waarbij een groot deel van het bos in de regio verloren ging. De brandwachten moesten ieder uur tussen 5 uur ’s ochtends en 7 uur ’s avonds de toren in klimmen en rondkijken over het bos. De toren had een telefoonverbinding met onder andere Orsa en Hamra. De brandwachten waren doorgaans vrouwen. Ze hielden een dagboek bij over wat er zo al gebeurde, ook leerden zij het weer voorspellen aan de hand van de tekenen in de natuur. De toren was in gebruik tot 1950, daarna namen vliegtuigen het werk over.

Interieur van het huisje.

Uitzicht vanuit de brandtoren

Uitzicht, bossen zover je kunt kijken.

Na ons bezoek aan de brandtoren was het tijd om verder te gaan naar Orsa om boodschappen te doen voor het avondeten. Nadat we weer op een mooie plek hadden zitten eten, hebben we in alle rust het laatste stuk terug naar Stöllet gereden.  Omdat we niet door Mora terug wilden rijden kozen we de route via Oxberg. Onderweg passeerden we daar de bijzondere brug voor treinen en auto’s. De brug is één rijbaan dus je moet opletten of er een tegenligger komt. Als er een trein komt wordt de brug even afgesloten. Je ziet dus niet zomaar een trein op je afkomen.

Een rijbaan voor auto’s en treinen.

Verder ging onze route richting Venjan, Limedsforsen en Malung. Het was een lange maar prachtige dag, dat ene regenbuitje dat we ’s ochtends hadden heeft daar niets aan afgedaan.

Rondom Grundrämmen

Vandaag zijn we rondom het meer Grundrämmen in Tiomilaskogen gaan wandelen. Het meer ligt in de buurt van het dorpje Tyngsjö. Hemelsbreed is de afstand vanaf Stöllet ongeveer 30 kilometer maar om er te komen ben je toch ruim een uur onderweg. Onze navigatie wilde ons niet naar Tyngsjö brengen dus hebben we onze route op de “ouderwetse” manier, met onze wegatlas van Zweden, bepaald. Het eerste stukje konden we de E45 volgen, bij Lisskogsåsen zijn we afgeslagen en de bossen in gereden. Na een uur over de onverharde boswegen gereden te hebben bereikten we Tyngsjö en konden we op zoek naar het startpunt van onze route. Omdat het een rondwandeling was konden we zelf kijken waar we wilden starten. Toen we een geschikte plek voor onze auto gevonden hadden zijn we op pad gegaan.

Lupines in alle kleuren.

Het meer Grundrämmen.

We hadden de route uitgezocht omdat het ons een mooie route leek, maar ook omdat er zich een waterval in de bossen moest bevinden die we nog niet kenden. De route ging over boswegen en smalle bospaden om het meer Grundrämmen. Onderweg zagen we hjortron (helaas nog niet rijp), smultron (lekker!) en cantharellen (om thuis te bakken). En dan de waterval, op basis van onze kaarten wisten we waar we onderweg ergens het pad moesten verlaten en het bos ingaan om naar de waterval te wandelen. Toen we een beekje overgestoken waren zagen we een smal paadje het bos in gaan. Dit leek de plek waar we de waterval moesten kunnen vinden. Na een korte wandeling hoorden we meer geruis en even later zagen we de waterval. Gevonden! Deze plek kenden we nog niet. Na wat foto’s gemaakt te hebben zijn we teruggelopen en hebben we onze route vervolgd.

Dit beekje moet wel naar de waterval leiden.

De waterval

Op zoek naar het startpunt hadden we het bordje Tyngsjö Vildmark al gezien. Nu wandelden we er doorheen. Tyngsjö Vildmark is een kleine camping met huisjes en een aantal kampeerplaatsen midden in de bossen. De receptie was open en we hadden ook wel trek in een ijsje. We werden verrast, Tyngsjö Vildmark was van Nederlanders en al vlug raakten we aan de praat over de camping en de omgeving.  Voor diegenen die rust zoeken in de ongerepte natuur en de wildernis van dichtbij willen beleven is dit een schitterende plek. De link mag natuurlijk niet ontbreken: Tyngsjö Vildmark

Toen we uitgepraat waren en ons ijsje op was maakten we ons op voor de laatste stuk van onze route naar het startpunt waar we de auto hadden geparkeerd.

Als ze maar lang genoeg blijven zitten.

Het was prachtig weer vandaag.

 

Naar Borlänge

Gisteren zijn we naar Borlänge geweest om “even” wat dingen te halen bij de IKEA. Daar waar in Nederland een IKEA op iedere straathoek lijkt te zitten is het voor ons hier een dagje uit. De dichtstbijzijnde winkel vanuit Stöllet zit in Karlstad, zo’n 130 kilometer verderop, die in Borlänge ligt iets verder weg op ongeveer 180 kilometer. Er zijn hier geen snelwegen, soms mag je wel 90 km/u maar vaak ligt de snelheidslimiet lager. Onderweg heb je alle tijd om rustig rond te kijken. Onze route ging vanaf Stöllet, naar Malung, Äppelbo, Vansbro, Djurås naar Borlänge met op de heen en de terug weg tijd voor af en toe een stop. De Zweedse fika, koffie met iets lekkers, begint ook deel uit te maken van ons dagprogramma en als je een dag op pad bent is een stop op een mooie plek een welkome afwisseling.

Het station van Vansbro

Lokstället Vansbro. In deze voormalige locomotiefloods zitten nu een aantal winkels en het turistbyrå.

In Snöå Bruk was vroeger ijzer- en houtindustrie. Via dit soort constructies werden de boomstammen verder getransporteerd.

Bij Snöå bruk

Bij Djurås komen de rivieren de Västerdalälven en de Dalälven bij elkaar.

Eindelijk in Borlänge. Het overdekte winkelcentrum Kupolen. Een IKEA, Biltema, Jula, Elgiganten zitten ook op loopafstand.

Vanaf de uitkijktoren bij Flen.

Gevlekte orchis.

Je kunt natuurlijk proberen om zo snel mogelijk naar de IKEA en terug te gaan, ik denk dat je dan heel veel mist van de schitterende omgeving. Overigens is het wel verstandig om voor ogen te houden dat je echt naar de IKEA wilt anders kom je ’s avonds thuis met het gevoel dat je iets vergeten bent …